MENU CLOSE

Het kind

De pester

Pesten is een sociaal proces tussen (in dit geval) kinderen. Er is een wisselwerking tussen pester(s) slachtoffer(s) en de sociale omgeving.[1] Jongens pesten vaker dan meisjes.[2] [3] Wat je misschien niet zou verwachten is dat kinderen die populair zijn vaker pesten dan kinderen die niet populair zijn. De pester hoopt met deze acties aan populariteit te winnen en zijn status te verhogen of vast te houden.

De pesters zijn doorgaans goed geïntegreerd in de klas. Ze hebben vaak een groep vrienden door wie ze leuk gevonden worden. Aan de andere kant lijkt er een groep te zijn die de pesters niet leuk vindt. Binnen deze groep vallen mogelijk de slachtoffers. Veel kinderen doen net alsof ze de pesters wel leuk vinden. Zo denken ze zelf te vermijden dat ze slachtoffer worden.

Meidenvenijn-pesten

De gepeste

Hoewel elk kind gepest kan worden of pester worden, zijn er wel kinderen die meer risico lopen om gepest te worden. Dit heeft niet heel veel te maken met rood haar, een bril of een beugel, zoals veel kinderen zelf denken. Het uiterlijk speelt niet mee.[4] Vaak zijn degenen die gepest worden, fysiek zwakker in combinatie met bepaalde persoonlijkheidskenmerken: het kind is bijvoorbeeld heel weinig assertief of het kind is heel erg verlegen. Het kan ook zijn dat het kind niet aan een bepaalde ongeschreven norm voldoet. Het kind heeft bijvoorbeeld als enige een bepaald accent of als enige geen merkkleding.

 

Gedragspatronen

Als een kind slachtoffer wordt, zie je eigenlijk twee gedragspatronen: het kind wordt angstig en doet niets terug of het kind wordt angstig en vertoont daarbij agressief en provocerend gedrag. Voor de preventie en signalering van pestgedrag is het van belang om de risicofactoren – van zowel gepeste als pestende kinderen – goed te kennen.

 

Risicogroepen

Bij de volgende risicogroepen (blijkt uit wetenschappelijk onderzoek)[5] is het van belang om extra alert te zijn op pestgedrag bij o.a. de volgende kinderen:

  • Angstige, depressieve of teruggetrokken kinderen.
  • Kinderen met overgewicht of obesitas.
  • Kinderen met ADHD of ASS
  • Motorisch onhandige kinderen.
  • Kinderen die stotteren.
  • Homoseksuele kinderen.

Uiteraard is dit geen één op één-lijstje: Je hebt ADHD en wordt dus gepest, is te simpel gedacht. Kinderen zelf denken dat pesten vooral komt omdat je er niet leuk uit ziet of niet zo goed kan leren.

 

Wat kan de leraar doen?

Jij kunt kinderen helpen door alert te zijn op pestgedrag, de signalen te herkennen, standpunt in te nemen tegen pesten en actie te ondernemen als je vermoedt of weet dat er gepest wordt. Hoe? Dat leer je bij Pestpectief.

 

Literatuur:

[1] Rambaran, A. (2019). The Classroom as Context for Bullying: A Social Network Approach. Proefschrift. Groningen: RUG

[2] Ploeg, J.(2014). Agressie bij kinderen. Houten: bohn Stafleu van Loghum.

[3] Veldkamp, S. A. M., van Bergen, E., de Zeeuw, E.L., van Beijsterveldt, C.E., Boomsma, D. I., Bartels, M. (2017) Bullying and victimization: the effect of close companionship. Twin Research and Human Genetics, 20(1), 19-27.

[4] Van Stigt. M. (2016). Alles over pesten. Amsterdam: boom

[5] Fekkes, M.; van Gameren-Oosterom, H. B. M.; Rosenbrand, K.; De Beer, H.J. A. & Kamphuis, M (2014). JGZ-richtlijn Pesten (2014). Utrecht: Nederlands Centrum Jeugdgezondheid

Call Now Button