MENU CLOSE

Anton Horeweg: Wat is pesten?

Pestgedrag

Wat is precies pesten? Pesten is stelselmatige vorm van agressie waarbij één of meer personen in een machtspositie moedwillig proberen een andere persoon fysiek, verbaal of psychologisch schade toe brengen. Het is een groepsproces waarbij pesters, gepesten, omstanders of meelopers, wegkijkers, volwassen beroepskracht (leraar, sportleraar) en ouders betrokken kunnen zijn. (Vermande, 2015). Bij pesten is de macht ongelijk verdeeld.

 

Het verschil tussen plagen en pesten

Pesten is beslist niet hetzelfde als plagen, iets wat pesters nogal eens ter verdediging aanvoeren. ‘Het was een geintje.’ Plagen is een geintje uithalen met iemand en meestal een éénmalige gebeurtenis. Het heeft niet tot doel de andere pijn te doen en doet zich voor op vriendschappelijke basis. Beide partijen zijn dus gelijkwaardig. Zoals gezegd: Bij pesten is er altijd sprake van machtsongelijkheid (Horeweg, 2017).

Verschillende vormen van pesten

Er zijn verschillende vormen van pesten:  verbaal pesten, fysiek pesten, materieel pesten, relationeel pesten, cyperpesten. Hieronder vind je een kort overzicht, verderop wordt dit uitgewerkt.

  • Verbaal pesten: de meest voorkomende vorm. Een kind scheldt een ander kind uit, maakt vervelende opmerkingen, maakt een ander belachelijk, enz.
  • Fysiek pesten: iemand slaan, schoppen, duwen, enz.
  • Materieel pesten: een kind maakt de spullen van een ander kind kapot, verstopt ze of eist ze op.
  • Relationeel pesten: dit houdt in dat de pester het kind probeert buiten te sluiten, door bijvoorbeeld andere kinderen tegen de gepeste op te zetten. Dit kan door het vertellen van onjuiste verhalen of valse beschuldigingen.
  • Cyberpesten, digipesten, mobiel of online pesten: Kinderen gebruiken dan het internet, bijvoorbeeld sociale media, of pesten elkaar door vervelende berichten via de smartphone te sturen.

 

Alle vormen van pesten zijn schadelijk voor het slachtoffer. Soms wordt dat onderschat. Tegen een kind dat niet mee mag doen (wordt buitengesloten), wordt al gauw gezegd: ‘Dan zoek je toch een ander groepje?’ Dat doet niets af aan het feit dat buitensluiten letterlijk evenveel pijn doet als fysieke pijn.

Zelfs de dreiging buitengesloten te worden, kan al voor een fight, flight, freeze reactie zorgen. (Gonsalkorale & Williams, 2007).

Het is goed om te beseffen dat de leerkracht hier iets tegen kan doen. Maak duidelijk hoe we wel en niet met elkaar omgaan in onze klas. Benadruk dat sommig gedrag niet goed is. Maak dat concreet: ‘In deze klas mag iedereen meedoen en komen we voor elkaar op.’

 

Wat kun je doen als leraar?

Om als leerkracht iets tegen pesten te kunnen doen moet je pesten kunnen signaleren. Dat kun je leren met de tools van Pestpectief.

Ook moet je een bepaalde ‘basishouding’ hebben. Daarover volgende keer meer.

 

Literatuur

Gonsalkorale, K. & Williams, K. (2007). The KKK won’t let me play: ostracism even by a despised outgroup hurts, European Journal of Social Psychology,  Volume 37, Issue 6, November/December 2007, pp. 1176-1186. https://doi.org/10.1002/ejsp.392.

Horeweg, A. (2017). Gedragsproblemen in de klas in het voortgezet onderwijs. Houten: Lannoocampus.

Vermande, M. ; van der Meulen, M. & Reijntjes, A. (Red.) (2015). Pesten op school Achtergronden en interventies, tweede druk. Amsterdam: Boom/Lemma.

Wil je nog meer weten?

Call Now Button